VOKA

Start-Up Info

Ben je geïnspireerd geraakt door de verhalen van onze vele succesvolle starters of koester je zelf al langer de droom om ondernemer te worden? Heb je een idee ontwikkeld en zou je graag zo snel mogelijk willen beginnen? Er zijn enkele zaken waarmee je rekening moet houden alvorens je kan overgaan tot de oprichting van een zaak. Hieronder vind je alle informatie omtrent het opstarten van een onderneming zodat ook jij vandaag nog aan de slag kunt.

Mag ik een onderneming starten?

Allereerst moet je jezelf de vraag stellen of je wettelijk gezien wel een onderneming mag opstarten. De wet legt namelijk enkele beperkingen op wie ondernemer mag worden:

Enkele beroepen zijn onverenigbaar met het beroep van handelaar – zoals notarissen, gerechtsdeurwaarders, advocaten en rechters. Daarnaast moet je handelingsbekwaam zijn. Minderjarigen mogen bijvoorbeeld nog geen onderneming opstarten. Een reeds eerder failliet verklaarde ondernemer mag in principe wel opnieuw een handelszaak beginnen tenzij anders verklaard door de Rechtbank van Koophandel, zoals indien je grove fouten hebt begaan die hebben bijgedragen tot het faillissement.

Voor buitenlanders afkomstig van buiten de Europese Economische Ruimte geldt dat ze in het bezit moeten zijn van een verblijfsvergunning en een beroepskaart of dat ze vrijgesteld moeten zijn van de verplichting om een beroepskaart te hebben.

Het marktonderzoek

Het marktonderzoek is een onmisbare stap bij de opstart van je onderneming. Het levert de nodige voorkennis om na te gaan of een idee wel aansluit op de realiteit van de markt – is er wel vraag naar het product of dienst dat jij wenst te leveren? Het hoofddoel van het marktonderzoek is om een idee te krijgen van de omvang van de markt, de concurrentie, de aanwezigheid van geïnteresseerde potentiële klanten enzovoort. Door een slecht uitgevoerde marktstudie kan een onderneming al snel falen. Hieronder kan je stap voor stap lezen hoe je een volledig en betrouwbaar marktonderzoek kan opzetten.

1. Bepaal je doel

Wat wil je bereiken met dit marktonderzoek? Formuleer het doel voor jezelf, zodat je daar je onderzoeksvraag op kan afstemmen. Een doel helpt je ook om gericht aan het werk te gaan.

2. Formuleer je onderzoeksvraag

Hierin moeten een aantal punten terug komen, zoals: Wat? Wie? Hoe? Wanneer?. Je onderzoeksvraag moet aansluiten op het doel van je marktonderzoek.

3. Kies je onderzoeksmethode

Hierbij kan je kiezen uit persoonlijke interviews, online vragenlijsten, telefonische interviews en dergelijke. Zorg er steeds voor dat je onderzoeksmethode aansluit op de mogelijkheden van je doelgroep en dat je respondenten nog representatief blijven. Slechts een minderheid van de gepensioneerden is online actief dus voor deze doelgroep bestaat er wel een betere optie dan online vragenlijsten.

4. Stel een budget vast

Een marktonderzoek kan je in de meeste gevallen niet gratis uitvoeren. Je kan rekenen op bijvoorbeeld reiskosten, reclamekosten, vergoedingen voor interviewers enzovoort. Stel daarom een budget vast en zorg dat je je hieraan houdt.

5. Stel een vragenlijst op

Deze vragenlijst blijft best beperkt tot 6 à 8 vragen, met een maximum van 2 bladzijden. In het geval van langere vragenlijsten zullen respondenten eerder geneigd zijn om er snel doorheen te gaan, met mogelijk onvolledige of oneerlijke resultaten tot gevolg. Probeer ervoor te zorgen dat je vragen goed aansluiten op je onderzoeksvraag.

6. Zoek een groep respondenten

Je groep respondenten moet een goede weerspiegeling zijn van de doelgroep die je in de onderzoeksvraag hebt genoemd. Het is in het belang van je eigen onderneming dat de groep representatief is voor de hele doelgroep. Ondervraag dus bijvoorbeeld niet alleen meisjes tussen 18 en 25 als je product gericht is op alle jongeren van 15 tot 28 jaar. Het heeft ook geen nut om jongeren te interviewen over hun nood aan reizen voor gepensioneerden.

7. Voer je onderzoek uit

Vanaf het moment dat je onderzoek klaar is om uit te voeren is het best dat je dit ook zo snel mogelijk doet. Op die manier houd je de vaart er makkelijker in en blijven je resultaten ook echt actueel.

Het businessplan

Een businessplan of ondernemingsplan is een instrument om de onderneming op kwalitatieve en kwantitatieve manier voor te stellen. In het ondernemingsplan bespreek je wat je met de onderneming in de toekomst wil bereiken en hoe je dat wil realiseren. Het ondernemingsplan is ook een intern beheersinstrument: aan de hand ervan wordt nagegaan of de vooropgestelde objectieven gerealiseerd zijn.

Extern kan het ondernemingsplan gebruikt worden om te communiceren. Aan de hand van je ondernemingsplan kan je bijvoorbeeld eventuele partners zoals financiers, leveranciers, … ervan overtuigen dat jouw onderneming rendabele vooruitzichten heeft en dat het een verstandige beslissing is om met jou in zee te gaan.

Aan de hand van de leidraad bij het opstellen van een ondernemingsplan, opgesteld door het Agentschap Ondernemen, kan je aan de slag om jouw ondernemingsplan op te stellen. Er zijn op het internet ook talrijke voorbeelden te vinden waar je jouw businessplan op kan baseren. Hieronder zie je de essentiële punten waaruit een ondernemingsplan moet bestaan:

1. De executive summary

Deze samenvatting van je businessplan biedt een kort overzicht waarbij duidelijkheid en begrijpelijkheid zeer belangrijk zijn. Alle aspecten die worden uitgewerkt in het ondernemingsplan krijgen een korte toelichting. Het belang van deze samenvatting is niet te onderschatten: een lezer onder tijdsdruk zal aan de hand van deze samenvatting bepalen of het wel de moeite waard is om je ondernemingsplan volledig te lezen.

2. De voorstelling van de onderneming

Dit deel moet potentiële financiers ervan overtuigen om met jou in zee te gaan. Het geeft een antwoord op de vraag: “Wat heeft de onderneming reeds gerealiseerd?”. In dit deel neem je informatie op zoals de oprichtingsdatum, de vennootschapsvorm, de evolutie van de omzet, het personeel, het kapitaal, de verschillende rentabiliteits- en solvabiliteitsratio’s, enzovoort.

3. De marktanalyse. 

Voor starters is het moeilijk een raming te maken van de marktgrootte omdat er geen bestaand klantenbestand is. Om toch een idee te krijgen van de omvang van jouw markt kan je beroep doen op sectorstudies, beroepsverenigingen, het Nationaal Instituut voor de Statistiek enzovoort. Daarnaast kan je in dit deel je doelmarkt omschrijven, ofwel klantensegmentering. Als aanbieder van een product of dienst ben je waarschijnlijk niet de enige op de markt. Daarom is een grondige analyse van de concurrentie noodzakelijk om het marktaandeel in te schatten. Hou hierbij rekening met de bestaande concurrentie en de moeilijkheidsgraad om klanten weg te halen bij concurrenten.

4. De marketingstrategie

De marketingstrategie geeft een beeld van hoe je onderneming de doelstellingen zoals je die hebt verwoord in de executive summary wil bereiken. Je zal met andere woorden moeten omschrijven met welke middelen je de vooropgestelde omzet zal nastreven. Die middelen worden gegroepeerd onder de vier P’s:

Product: wat zijn de belangrijkste producteigenschappen?
Prijs: welke prijs kan er worden gevraagd voor het product?
Plaats: via welke kanalen zal het product op de markt worden gebracht?
Promotie: via welke communicatiekanalen en met welke communicatiemiddelen zal het product worden bekendgemaakt?

5. SWOT-analyse

Om een realistische inschatting te maken van het te bereiken marktaandeel is het handig om enerzijds de sterke en zwakke punten van de onderneming (interne analyse) tegenover anderzijds de kansen en bedreigingen die zich in de omgeving voordoen (externe analyse) te plaatsen. Die analyse noemen we de SWOT-analyse en staat voor strenghts, weaknesses, opportunities en threats. Hieronder zie je een voorbeeld van een SWOT-analyse

Nadat de sterke en zwakke elementen en de kansen en bedreigingen zijn beschreven, kan er een confrontatie tot stand worden gebracht. Die confrontatie kan worden voorgesteld in een lichtjes gewijzigde tabel zoals hieronder:

6. Het operationeel plan

In dit onderdeel omschrijf je de noden van je ondernemen wat betreft infrastructuur, IT-middelen, personeel en dergelijke. Hierin mag je alle materiële zaken omschrijven die nodig zijn voor de werking van je onderneming te garanderen.

7. Het financiële plan

Dit plan bestaat uit drie belangrijke elementen: een financierings- en aanwendingsplan (of de balans), een resultaatberekening en een cashflowberekening. In de balans wordt duidelijk omschreven hoeveel financiële middelen of geld er nodig is voor de start van de onderneming of voor een nieuw project. Ook wordt hierbij vermeld welke investeringen er noodzakelijk zijn en op welke manier deze worden gefinancierd. De resultaatberekening geeft een overzicht van alle inkomsten en uitgaven en van het uiteindelijke resultaat en de cashflow geeft een idee van alle geldstromen van je onderneming.

Financiering kan op verschillende manieren gebeuren. Ondernemers zullen eerst bekijken of het zal lukken met eigen middelen. Indien eigen middelen niet voldoende voorhanden zijn gaan ze op zoek naar klassieke bankkredieten. Indien de bank weigert om (voldoende) kredieten te verstrekken kan je aankloppen bij venture kapitalisten. Dit is echter risicodragend kapitaal. Pas ten einde raad zal je een lening aangaan bij de business angels. Dit zijn individuele investeerders, vaak ook ondernemers of managers, die naast hun kapitaal ook hun netwerk en ervaring ter beschikking stellen. Geld lenen bij deze business angels kan echter duur uitvallen tegenover een klassieke banklening.

Een relatief nieuwe manier van financiering gebeurt grotendeels online: crowdfunding. Je start een crowdfundingcampagne op om zo potentiële financiers te overtuigen jouw project te steunen. Die crowdfunding kan op vier verschillende manieren gebeuren: gebaseerd op donaties, op rewards, op leningen of op aandelen. Crowdfunding is ook een slimme manier om op korte termijn een groot netwerk van ambassadeurs uit te bouwen omdat jouw backers geloven in je product en reclame zullen maken binnen hun eigen netwerk.         

De geschikte ondernemingsvorm kiezen

Eén van de belangrijkste keuzes bij de start van je onderneming is de rechtsvorm van de onderneming. Het grootste verschil bestaat tussen de eenmanszaak en de verschillende vennootschapsvormen. Hieronder staan de voor- en nadelen van elk opgesomd:

De eenmanszaak

Dit is de meest natuurlijke en eenvoudige ondernemingsvorm. Eén persoon is de eigenaar en hij draagt alle verantwoordelijkheid. De eenmanszaak is de meest geschikte ondernemingsvorm als je bedrijf slechts een lage tot matige kapitaalsbehoefte heeft, als je niet te veel risico wil, slechts uitzonderlijk aanspraak moet maken op derden voor financiering en als je in staat bent om het bedrijf helemaal alleen te leiden.

De vennootschap

Binnen de vennootschap is er wel een scheiding tussen het vermogen van je onderneming en dat van jezelf. Met andere woorden kan er dus geen beroep worden gedaan op je privébezittingen in het geval dat je onderneming failliet verklaard wordt.


1. De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (BVBA)

De bvba is voornamelijk populair als familievennootschap en als vennootschap voor vrije beroepen. Ze is familiaal omdat ze zeer gesloten kan worden gehouden doordat er een beperking heerst op de overdracht van aandelen en ze is populair voor uitoefening van vrije beroepen omdat ze de enige vennootschapsvorm is die geldig kan worden opgericht door één persoon.

2. De naamloze vennootschap (NV)

De nv wordt meestal gebruikt voor grotere, kapitaalkrachtige ondernemingen waarin de nadruk ligt op het anoniem verzamelen van kapitaal. Het minimumkapitaal in de nv bedraagt 61.500 euro. Dat bedrag moet volledig volstort zijn bij de oprichting van je onderneming. De nv heeft minstens twee vennoten nodig en een raad van bestuur met minimum drie bestuurders.

Dit zijn de voor- en nadelen van de voornaamste ondernemingsvormen. Voor nog meer verschillende ondernemingsvormen en hun voor- en nadelen, kijk ook zeker op de website van Voka. Hieronder nog een vergelijkende tabel van de soorten vennootschappen.

Hoe richt ik mijn onderneming op?

Een eenmanszaak oprichten, c’est simple comme bonjour. Je moet ervoor simpelweg een bewijs van kennis van bedrijfsbeheer kunnen voorleggen, in het bezit zijn van een zichtrekening en jezelf inschrijven in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO). Indien je beroep het vereist, moet je ook nog eventuele vergunningen kunnen voorleggen.

De oprichting van een vennootschap is echter een ander paar mouwen. Je moet enkele stappen ondernemen om een vennootschap op te richten: een financieel plan maken, een oprichtingsakte opstellen, die akte registreren, neerleggen en bekendmaken, en een vennootschapsregister aanleggen. Het financieel plan werd reeds eerder besproken.

In de oprichtingsakte komen de gegevens van de oprichters te staan, naam en doel van de vennootschap, regelingen met betrekking tot de algemene vergadering en andere regels die zullen gelden binnen de vennootschap. Bij de oprichting van een NV, een (E)-BVBA, een comm. Va en een CVBA is een authentieke akte verplicht. Dat wil zeggen dat ze moet worden opgemaakt door een notaris. Voor de andere vennootschapsvormen volstaat een onderhandse akte die kan worden gepubliceerd bij het ondernemingsloket. De oprichtingsakte moet dan worden geregistreerd bij de FOD Financiën en een uittreksel neergelegd bij de griffie van de Rechtbank van Koophandel.

In de NV, de comm. VA, de (E)-BVBA, de CVBA en de CVOA moet een vennootschapsregister worden bijgehouden op de maatschappelijke zetel. Hierin worden per vennoot naam, beroep, adres, aantal aandelen en gedane stortingen vermeld. Ook overdrachten worden in het register bijgehouden.

Welke formaliteiten moet ik vervullen?

Je kan niet zomaar een onderneming starten. Er zijn enkele formaliteiten waaraan je zal moeten voldoen alvorens je activiteit te kunnen aanvatten. Voor al die formaliteiten kan je terecht bij het ondernemingsloket. Die onderzoekt of je al dan niet bekwaam bent om een onderneming te starten en voorziet je van een ondernemingsnummer.

Allereerst moet je een zichtrekening openen. Voor een vennootschap mag dit niet dezelfde zijn als je persoonlijke zichtrekening, maar voor een eenmanszaak mag dat wel. Daarbij is het vermogen van de onderneming namelijk gelijkgesteld aan dat van de ondernemer zelf. Best vermeld je je bankrekeningnummer op alle uitgaande documenten en zeker op facturen en creditnota’s.

Ten tweede kunnen er voor jouw specifieke activiteit specifieke vergunningen nodig zijn. Zo heb je bijvoorbeeld een eetwarenvergunning nodig om voedingsmiddelen te fabriceren, een machtiging ambulante handel om producten op de openbare weg te verkopen, een beroepskaart heb je nodig als je als niet-Belg zelfstandige wil worden in België enzovoort. Voor meer informatie omtrent vergunningen kan je surfen naar Xerius.

Als je de nodige vergunningen hebt verzameld kan je je gaan inschrijven in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO). Ook daarvoor kan je terecht bij Xerius Ondernemingsloket. Het ondernemingsloket zal je handelshoedanigheid activeren vanaf dat al je formaliteiten in orde zijn en dan kan je aan de slag als ondernemer.

Als je in België een eigen zaak wilt starten moet je over de nodige ondernemersvaardigheden beschikken. Daarom moet iedereen die in de KBO wordt ingeschreven een ‘basiskennis bedrijfsbeheer’ bewijzen. Daarnaast moet voor een aantal strikter gereglementeerde beroepen een bijkomende beroepsbekwaamheid aangetoond worden. Het gaat dan om beroepen waarover de overheid en de betreffende beroepsorganisatie vinden dat er een opleiding of ervaring nodig is om het beroep te kunnen uitvoeren.

Beroepskennis kan je bewijzen met akten en diploma’s door een onderwijsinrichting of door een gelijkwaardig getuigschrift van de centrale examencommissie van de staat. Daarnaast kan je ook je beroepskennis aantonen door praktijkervaring. Die ervaring is verschillend voor de diverse beroepen en varieert tussen 1 en 7 jaar.

Natuurlijk ben je als zelfstandige ook btw-plichtig, zelfs als je je activiteit in bijberoep uitoefent. Hoeveel btw je precies betaalt is afhankelijk van meerdere factoren, zoals of je een vennootschap hebt of een eenmanszaak, je totale inkomen, .... Xerius Ondernemingsloket maakt de activering van de btw in orde zodat je je hierover geen zorgen hoeft te maken.

Hoeveel sociale bijdragen moet ik betalen?

Elke zelfstandige in België moet sociale bijdragen betalen. Bij een werknemer worden die automatisch elke maand van het brutoloon gehouden, maar een zelfstandige moet zijn sociale bijdragen ieder kwartaal zelf betalen. In ruil voor die sociale bijdragen krijg je uiteraard enkele rechten, zoals kinderbijslag, moederschapsverlof, een wettelijk rustpensioen en nog veel meer.

Als starter kan je ervoor kiezen om je sociale bijdragen te laten berekenen op het minimum inkomen of een door jezelf geschat jaarinkomen. De sociale bijdragen zullen voor jou de eerste drie jaren lager liggen dan voor andere zelfstandigen: het eerste jaar 20,5%, het tweede jaar 21% en het derde jaar 21,5%. 

Aan welke boekhoudkundige verplichtingen moet ik voldoen?

Iedere onderneming moet een boekhouding bijhouden. Er wordt echter wel onderscheid gemaakt tussen kleine en grote ondernemingen: voor een kleine onderneming volstaat een vereenvoudigde boekhouding, een grote onderneming moet echter een dubbele boekhouding voeren.

De vereenvoudigde boekhouding bestaat uit een financieel dagboek, een inkoopboek en een verkoopboek. De dubbele boekhouding is iets complexer en moet volgens het wettelijk schema verlopen. Ook moeten deze bedrijven een jaarlijkse inventaris en een jaarrekening opmaken. Die jaarrekening moet voor onderzoek en goedkeuring aan de algemene vergadering worden voorgelegd en, na goedkeuring, ook bij de Nationale Bank worden neergelegd.

Welke belastingen moet ik betalen?

Ondernemingen betalen belastingen op basis van de winst die ze hebben gemaakt. Het verschil zit hier dan ook weer in de ondernemingsvorm die je hebt gekozen voor je onderneming. Koos je voor een eenmanszaak, dan betaal je belasting op de winst via de personenbelasting. Vennootschappen betalen vennootschapsbelasting, die lager ligt dan de personenbelasting. 

Zit je nog met vragen? Aarzel dan niet om ze te stellen. Contacteer ons nu!

Over deze site 

Voka – Kamers van Koophandel Antwerpen, Kempen en Mechelen zetten met de steun van de provincie Antwerpen hun schouders onder het project ‘The Antwerp Entrepreneur Academy’ om zo ondernemerschap bij jongeren te inspireren en te stimuleren.

Durf! Spring! Onderneem!

Over ons Contact

Welke regio heeft jouw voorkeur?

Antwerpen Kempen Mechelen